Kleine Janna, de slimheid de baas

Kleine Janna is 1,5 jaar. Ze is watervlug, loopt al vanaf 7 maanden, ze is om verliefd op te worden zo cute en ze is slim. En Janna ontpopt zich als een klein loedertje.
Baby’s en ook oudere kinderen dan zijzelf die ze kan ‘hebben’ pakt ze in elk onbewaakt ogenblik. Als we wel kijken aait ze heel lief een baby over zijn hoofd en geeft hem vederlichte kusjes. Zo schattig. Maar oh wee als we even bezig zijn: dan hoor je steevast na een minuut of wat een kind brullen……Janna op oorlogspad!

De rammelaar hebben we naar boven op de kast verbannen, die gebruikte ze als boksbeugel. Als ik haar vervolgens duidelijk maak dat ze over de schreef is gegaan, gaat ze zachtjes jammeren en kermen en als ik daar niet op reageer gaat ze brullen. Pas als ik haar een paar meter verder zet en qua stem-gebruik gemeend zeg wat ik ervan vind (ben je nou helemaal betoeterd, je houdt er NU mee op en je stopt ONMIDDELLIJK met huilen! Dat mag je NOOIT meer doen!) kijkt ze me vanonder haar oogleden glurend, schuin aan en is stil. “Goed zo,” zeg ik dan iets zachter, maar net zo stevig. “Ga maar weer spelen hoor, je hebt goed geluisterd.” En zonder een spoortje van gekwetste gevoelens dartelt ze opgewekt weg.

Janna kon nog niet zelf slapen toen ze bij ons kwam. We leerden haar dat en na een maand kon ze het prima. Maar nog lang dacht ze dat ze eerst even moest huilen voordat ze ging slapen. Toen ik haar dat domweg verbood sloot ze zichtbaar dankbaar haar ogen en gaf zich over aan de slaap. Pas daarna konden we haar liefdevol naar bed brengen en was het vechten over. Ze geniet nu van het bedritueel, de ‘kusjes’ van mijn vinger op haar neus, haar wang, haar haar en de kleine grapjes.
Ze is na een paar weken al niet meer op oorlogspad, maar legt zich toe op het leren klauteren in de apenboom en wil alles kunnen wat de groten ook kunnen. Mee in de fietskar naar het bos en hup daar gaat ze net zo snel als de groten met haar kleine beentjes. Soms is het na een tijdje toch teveel. Dan mag ze op mijn nek en daar zit ze dan lekker moe, zeer voldaan te stralen.

Kleine Janna is met alles haar leeftijd ver vooruit, maar niet met eten. We besloten het eten babyfijn te malen en met water aan te lengen. Dat ging er beter in, maar er was nog een component dat eten lastig maakte: Ze wou erbij horen, meedoen, serieus genomen worden en voor vol worden aangezien. Dat met die groente-pap was dus een beetje waardeloos wel, sprak haar gezicht. Gelukkig was het een goed etende club waar ze in terecht kwam. Ik ben op het kleed gaan zitten met een bak groente-pap en begon te eten. Al gauw melden zich de eerste belangstellenden:
“Wat eet jij?”
“Ook een hapje?”
Een voor een smulden ze en ineens stond Janna er tussen te glunderen met haar mond open. Zo aten we met de hele groep de bak leeg. Ik speelde dat ik dat delen heel erg leuk vond maar zelf ook veel wou eten. Dat was hilarisch grappig vonden ze. Janna ging heerlijk mee met de lol. En daar gaat het om: eten is leuk en samen eten is het fijnst. Inmiddels schranst ze zelf twee of drie bakjes eten leeg per maaltijd.

In de zomer vloog er tijdens het eten een bromvlieg langs. Ineens was Janna in gillende paniek, niet rustig te krijgen, niks hielp, totdat ik een vliegenmepper pakte en de vlieg dood sloeg. Ze hapte een keer naar lucht en begon toen door haar tranen heen te lachen. De volgende keer dat ze een beetje schrok van een vlieg gaf ik haar een vliegenmepper en samen sloegen we wat kansloos rond. Ze kikkerde er van op. Van die vliegenmepper en van het idee dat ze wat kon doen.

Pittige, gevoelige en slimme kinderen willen nog meer dan alle andere kinderen het voorbeeld van een dappere 😉 volwassene.

Er zijn in al die 10 jaren al heel wat Janna’s en Jantjes de revue gepasseerd. Janna is me er eentje.