Hup juf

Het is prachtig na-zomer weer en we hebben visnetten gekocht. Geconcentreerd hengelen ze en halfuurtje beestjes uit de poel en lachen te hard om hun gekke namen: “Whaahaahaa een ‘rugzwemmer’.”
Dan krijgen ze ruzie over wie de beste beestjes vangt en gooien ze een voor een hun net ver in het water. Ze gillen en staan op het punt alle kanten uit te vliegen. Ze gillen zo hoog dat mijn oren er van tuiten.

Zonder na te denken plons ik er in. Even is het stil: Verbazing. Zij durft. Ik voel hun blikken in mijn rug en dan roepen ze enthousiast: “Hup juf! Hup juf! Hup juf!” Ze lachen. Ik sta tot mijn liezen in het water, pak een net en vang een libelle-larve, een pink-formaat kreeft-achtig beest.
“Hier zitten veel mooiere beestjes,” zeg ik. Ik loop er weer uit en laat de andere netten drijven. Ze bekijken mijn grote rare beest. “Cool!”
“Mogen we er ook in?” vraagt de brutaalste.
“Als je rustig bent en gewoon doet.” Dat hadden ze niet verwacht, dat dat mocht. Hun gezichten kijken ernstig. Ze durven wel maar het is ook spannend.
Schoenen en sokken gaan uit, broeken worden opgestroopt en dan waden ze er voorzichtig in. Ze maken geen enkel geluid, geen woord. De rest van de middag zijn ze bezig en kijk ik naar de gebogen ruggen boven hun netten.
1-0 voor juf.