100 dollar en de rijke leeromgeving van de Buitenklas


De man op het 100 dollarbiljet heet Benjamin Franklin. Niet de eerste de beste natuurlijk. Hij was wetenschapper, politicus en uitvinder. Hij ijverde voor afschaffing van de slavernij, vond zwemvliezen uit en was nauw betrokken bij de eerste ballonvaart en meer, veel meer.
In het prachtige boek met de wat dramatische doch relevante titel: ‘Het laatste kind in het bos’ beschrijft zijn biograaf een bijzondere ervaring uit de kindertijd van Benjamin Franklin:

Het was warm zomerweer en Benjamin ging vliegeren bij het meer. Hij was een goede zwemmer en omdat hij het warm kreeg bond hij zijn vlieger vast, trok hij zijn kleren uit en dook het heerlijk koele water in. Een tijdlang wist hij niet wat te kiezen, blijven zwemmen of toch weer gaan vliegeren. Tot hij bedacht: ik kan het misschien wel allebei tegelijk! Hij pakte zijn vlieger en zwom het water in. Daar ontdekte hij dat hij door de opwaartse druk van het water zo licht was, dat zijn vlieger hem voort trok door het water….

Zo staat het boek vol natuur-ervaringen van mensen uit hun kindertijd. Betekenisvolle ervaringen. Waarom? Omdat ze op zichzelf al indruk maakten maar ook de basis vormden voor later leren, voor later begrijpen, voor wat belangrijk is, interessant en waardevol.

Laten we ze 100-dollar-ervaringen noemen.

We hebben gezien in onze dagelijkse Buitenhuis praktijk dat een halve dag in het bos vol 100 dollar ervaringen zit. Steeds hetzelfde bos, steeds andere momenten. Het bos, de natuur, blijkt een enorm rijke leeromgeving.

Om deze en meer redenen wil Het Buitenhuis beginnen met de Buitenklas voor kinderen tot 5 jaar, omdat we jonge kinderen veel van deze 100 dollar ervaringen gunnen en willen meegeven voor later. Zonder dat er een vaste uitkomst moet zijn, zonder resultaatgestuurd leren.
Meer informatie over de Buitenklas vind je hier.

I am in preschool
I need
motion
novelty
adventure
and to engage the world with my whole body
let me play
(trust me i’m learning)

Eén gedachte over “100 dollar en de rijke leeromgeving van de Buitenklas”

  1. Het is prachtig om zo’n verhaal te lezen. Een goed doordachte en doorleefde Buitenklas. Toen ik 4 en 5 jaar was speelden we ook in de ‘Buitenklas’, op en om de boerderij, op de zeedijk en het buitendijkse land met sloten en greppels. We bouwden zelfs een nieuwe boerderij, waar de zoon van mijn oudste broer nu woont met zijn vrouw.

    Schitterende herinneringen bewaar ik daaraan. Na mijn 6e verjaardag ging ik in april (6,5 jaar oud) naar de lagere school. Mijn moeder leerde ons de eerste beginselen van lezen en schrijven. In mijn herinnering hadden wij (bij nader inzien) een ‘voorsprong’ in logisch denken en begrijpen van allerlei dagelijkse dingen. Onze opgedane ‘bedrijfservaring’ op de boerderij heeft z’n vruchten afgeworpen. Toen en nog altijd. Het was een heerlijke tijd.

Reacties zijn gesloten.